Een omgelegde foodwaste-keten levert meerdere waarden tegelijk op: een besparing, energie, certificaten en een beter emissieprofiel. Elke waarde mag precies één keer worden geclaimd, door precies één partij. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar het is de meest geschonden regel in deze markt, en de reden dat veel duurzaamheidsclaims een audit niet overleven. Ons antwoord is een claimmatrix: een afspraak, vóór de eerste rit, die per waarde vastlegt wie de eigenaar is en waar het bewijs ligt.

Welke waarden er ontstaan

Wordt een reststroom omgelegd van de huidige verwerker naar bijvoorbeeld een vergister, dan ontstaan er, naast de stroom zelf, vier soorten waarde. De financiële besparing: het verschil tussen de oude en de nieuwe ketenkosten. Het biogas of groen gas, met de bijbehorende garanties van oorsprong (GvO's). De verbetering van het emissieprofiel van de verwerkingsroute. En soms bijproducten, zoals digestaat dat een meststoffenroute volgt.

Die waarden belanden niet vanzelf bij dezelfde partij, en dat hoeft ook niet. Het probleem ontstaat pas wanneer twee partijen over dezelfde waarde communiceren alsof die van hen is.

Waarom de energieclaim bij de GvO-koper ligt

Het GvO-systeem is er juist voor gebouwd om dit netjes te houden: het groene kenmerk van energie wordt losgeknipt van de fysieke levering en als certificaat verhandeld. Wie de GvO koopt en afboekt, mag zeggen dat hij hernieuwbare energie gebruikt. Daarmee is dat kenmerk vergeven.

De ontdoener (de eigenaar van de oorspronkelijke reststroom) kan dus niet óók claimen dat zijn afval "groene energie is geworden" alsof die energie van hem is. Wat hij wél kan claimen, is iets anders en minstens zo waardevol: dat de verwerkingsroute van zijn afval aantoonbaar is verbeterd ten opzichte van zijn eigen oude route. Die claim hoort thuis in scope 3, categorie 5 van zijn klimaatrapportage, onderbouwd met de massabalans per batch.

Twee partijen, twee verschillende claims, nul overlap. Zo hoort het.

Eén eigenaar per waarde, zwart op wit

Een claimmatrix is geen dik document. Het is een tabel die per waarde vier dingen vastlegt: wat de waarde precies is, wie de enige eigenaar is, waar het bewijs ligt, en wat de overige partijen er wel en niet over mogen zeggen. Een verwerker mag bijvoorbeeld benoemen dát hij een stroom tot biogas verwerkt; de energieclaim blijft bij de certificaatkoper; de routeverbetering blijft bij de ontdoener; de besparing staat op de factuur van de ontdoener en nergens anders.

Het moment van vastleggen is belangrijker dan de vorm: vóór de eerste rit, als onderdeel van de ketenafspraken. Wie claims achteraf verdeelt, verdeelt een conflict.

Wat dit u oplevert

Voor de CFO: een besparing die niet besmet raakt door een reputatiediscussie. Voor de duurzaamheidsmanager: een scope 3-claim die een assurance-provider kan nalopen tot op batchniveau. Voor de keten: partners die weten waar ze aan toe zijn, omdat de waardeverdeling geen onderhandeling achteraf is.

En er is een omgekeerd effect dat wij minstens zo belangrijk vinden: een partij die vooraf opschrijft wat zij níét mag claimen, is geloofwaardiger in alles wat zij wél claimt. Daarom staat de claimmatrix bij ons niet in de bijlage van een contract weggestopt. Hij is een vast onderdeel van elk ketenontwerp.

Begin met de inventarisatie

Wilt u weten welke waarden er in uw huidige stroom zitten en wie ze vandaag feitelijk claimt? Dat is precies een van de vragen die wij in kaart brengen, op basis van uw eigen routes en facturen, niet op basis van aannames.

De routescan. Wij rekenen één route van uw foodwaste door op uw eigen volumes en facturen. U krijgt één A4 terug: uw werkelijke kostprijs per ton, de kansrijkste vergunde bestemming en een eerlijk go / no-go. Zegt de rekensom nee, dan zeggen wij dat ook.

Vraag de routescan aan